‘Levenswater’ en andere inzichten

Begin dit jaar was ik als trainer in de Marowijne in Suriname. Samen met twee collega’s verzorgde ik daar, gesteund door de FPP (Forest Peoples Program) en in samenwerking met de VIDS (Vereniging van Inheemse Dorpshoofden Suriname) en KLIM (Vereniging van Kalina en Lokono in de Marowijne), een trainingsprogramma genaamd ‘Jong Inheems Leiderschap’. Alhoewel ik een dozijn blogs zou kunnen schrijven over mijn ervaringen daar, de situatie van inheemse volkeren en mijn getuigenis van de prachtige ontwikkeling die de jongeren meemaakten, ga ik me beperken tot de inkeer die me ertoe heeft gezet een abrikozenboom te planten in mijn achtertuin.

‘Bereket’

Inheemse volkeren staan bekend om hun nauwe verbintenis met de natuur en de omgeving waarin ze leven. (Moeder)Natuur heeft een belangrijke plek in hun leven en zienswijze. Zo viel me, tijdens Braziliaans Carnaval op dat inheemsen eerst een ‘slok’ van hun drinken op de grond gietten, voordat ze zelf drinken. Dit was een uiting van het teruggeven, delen met, waarderen van en respect tonen aan Moeder Natuur.

Vanuit mijn eigen roots, traditie en geloof ben ik erg bekend met ‘Bereket’ (red. overvloed), wat zich uit in het onvoorwaardelijk delen van voedsel met anderen om me heen. Het mooie aan deze tradities en uitingen vind ik de bewustzijn die ermee gepaard gaat. Vaak gaan de handelingen van tradities moeiteloos over van generatie naar generatie, maar wordt helaas de betekenis ervan vergeten.

Mijn band met Moeder Natuur

Alhoewel ik actief groene politiek bedrijf en bezig ben met duurzaamheid in mijn eigen leven, heb ik nooit echt een nauwe band gehad met natuur. Wormen vond ik vies, muggen buitengewoon irritant en mijn hevige hooikoorts hielp de zaak ook niet echt. Natuur vind ik prachtig om te zien, maar vaak minder plezierig om er te vertoeven.

Lees tip:  Duurzaamheid en mijn ‘Tuin der Lusten’

Een onderdeel van het trainingsprogramma in Suriname was ‘het versterken van de relatie met de omgeving/natuur’. In het kader van practice what you preach besloot ik om te werken aan mijn eigen relatie met de natuur. Het zien en eten van vruchten waar ik eerder nog nooit van had gehoord was een mooie eerste stap. Ik raakte gefascineerd door de biodiversiteit. Groen zoals ik groen nooit eerder had gezien, geroken en gevoeld.

Ja, gevoeld. Dat voelen kwam door een plantje waarvan ik helaas de inheemse naam niet meer van kan herinneren. Letterlijk vertaald betekende het ‘sluit je rokje’. Het mooie aan dit plantje was dat op het moment dat je het aanraakt, al het vocht zich onmiddellijk terugtrekt, waardoor zijn prachtige felgroene kleur verandert in uitgedroogd ‘dood’ bruin. Het plantje verslapt dan helemaal en gaat er dood bij liggen. Ik schrok even, toen dit gebeurde. Maar enige tijd later was het plantje weer springlevend en prachtig groen. Deze directe interactie maakte dat ik sindsdien anders kijk naar flora.

Inzicht

Een van de constateringen gedurende het programma was, dat de jongeren helaas maar weinig mee kregen van hun inheemse kennis. In het Marowijne gebied zijn er nog maar slechts een handje vol boskenners. De meesten zijn, door hun extensieve kennis van medicinale planten, ingelijfd door grote farmaceutische bedrijven. Een van de ideeën die tijdens de training naar voren kwam was, dat de jongeren een boswandeling zouden organiseren samen met de boskenner. Zo konden ze zelf meer kennis opdoen over hun omgeving, medicinale planten en veel meer.

Lees tip:  Voedselwoestijnen in de VS

Die avond, starend naar de sterrenhemel, begon ik diep na te denken over de (traditionele) kennis die ik zelf mee kreeg. Ik beelde de uitgebreide kruidenkast van mijn moeder in. Ik zou niet eens de helft van de kruiden en hun werking kunnen opnoemen, laat staan het koken met die kruiden zonder kookwekker! Wat een gemis,  realiseerde ik me.

Ontgroening

Vanwege een aantal bruiloften en de vastenmaand, verbleef mijn moeder een lange periode in het buitenland. Ik was verantwoordelijk voor het water geven en verzorgen van haar planten in de moestuin. Na een aantal weken viel me op dat wanneer ik haar sprak, ze eerst vroeg naar de welzijn van haar planten en pas daarna hoe het met me ging. Ik had me tot op dat moment, ondanks dat ik mijn moeder altijd bezig zie in de tuin, nooit gerealiseerd hoe sterk haar band met de natuur was. Dit straalde ook af op de geur en smaak van onze ‘vers-uit-de-achtertuin-salades’. Ik besloot om voortaan van haar kennis en kunde te leren.

De laatste jaren is er een enorme toename van ‘stadsmoestuinen’ en ‘urban-gardening’, waar ik ook een warme pleitbezorger voor ben. Maar nu pas valt het kwartje, dit gebeurde al sinds jaar en dag in mijn achtertuin. Ik stond er alleen niet bij stil.

Van mijn moeder kreeg ik een deel van de achtertuin ter beschikking om het daad bij het woord te voegen. Mijn ontgroening startte met het planten van een abrikozenboom. Na wat voedzame aarde te hebben gekocht, begon ik enthousiast een kuil te graven. Ik stopte het boompje erin, en begon er aarde bij te gooien. Mijn moeder greep vakkundig in “vergeet het ‘levenswater’ niet.”. Na het graven van de kuil en het planten van de boom moet je bij het toevoegen van aarde, om en om ook water gieten, zodat de wortels goed aarden. ‘Levenswater’, wie had dat gedacht… Ik vrees dat ik nog veel te leren heb… Zucht…

Lees tip:  Hete broeikas aarde of nucleaire winter?

Wordt vervolgd 🙂

Author: Ufuk

Student Bestuurskunde Universiteit van Tilburg | Maatschappelijk actief voor NJR (Nationale Jeugdraad) en UWC (United World College) | Den Bosch | Gemeenteraadslid | Ik denk groen, dus ik besta

Share This Post On

Submit a Comment

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *